ARC creëert 4 categorieën voor vliegen boven menigte

De aanbevelingen van het Micro Unmanned Aircraft Systems Aviation Rulemaking Committee (ARC) werden vorige week aan de Amerikaanse luchtvaartautoriteit FAA voorgesteld. Als de aanbevelingen worden gevolgd zou het een nieuwe aanpak betekenen die het vliegen boven menigtes (bijvoorbeeld bij concerten) makkelijker kan maken.

Risico bij letsel

Het ARC comité focust in haar aanbevelingen specifiek op vliegen boven menigtes, en riep vier categorieën in het leven volgens dewelke drone operaties boven een menigte kunnen worden uitgevoerd. Deze categorieën zijn in hoofdzaak gebaseerd op het risico op letsel bij het falen van het toestel.

Het ARC beveelt fabrikanten aan om labels te plaatsen op de verpakking en in de handleiding duidelijke richtlijnen te schrijven voor het gebruik van deze toestellen boven een menigte. De uiteindelijke verantwoordelijkheid om te bepalen volgens welke categorie de vlucht zal worden uitgevoerd ligt bij de operator.

Categorie 1

Onder de eerste categorie vallen drones met een gewicht van minder dan 250 gram. Dit kunnen de nano-drones zijn van Revell of de enkele vederlichte micro-drones. Deze kleine UAS mogen boven een menigte vliegen als het gewicht (inclusief camera, batterij en dergelijke) niet boven de 250 gram uitkomt.

De ARC is van mening dat drone vliegtuigjes uit deze categorie geen ernstig gevaar vormen voor de veiligheid en kunnen worden gedekt door artikel 107 zonder verder dwingende of verbiedende maatregelen. De fabrikant van deze UAS moeten wel een label met het gewicht van het toestel op de verpakking plaatsen om aan te tonen dat het toestel voldoet aan de voorwaarden voor deze categorie, en de FAA rechtstreeks op de hoogte brengen van het gewicht van het toestel.

Meer dan 250 gram

Toestellen uit categorie 2, 3 en 4 mogen boven menigtes vliegen, op voorwaarde dat het toestal bij impact de energie-limiet niet overschrijdt. Die werd per categorie afzonderlijk bepaald en moet worden getest door de fabrikant volgens door de industrie opgestelde standaarden.

Categorie 2

Toestellen die gebruikt worden voor operaties volgens categorie 2 moeten voldoen aan de verwachte energie-impact bij de meest waarschijnlijke of vaak voorkomende incidenten.

De operator moet het toestel bovendien ook opereren volgens de methode die in de handleiding staat uitgelegd. De operator is toegestaan om 6 meter (20 feet) boven de hoofden van personen te vliegen, en 3 meter (10 feet) lateraal verwijderd van een persoon.

Het is ook verboden om op een hinderlijke of potentieel gevaarlijke manier in de nabijheid van personen te vliegen.

Categorie 3

Voor toestellen een categorie drie mogen niet vliegen boven een menigte tenzij 1) de operatie wordt uitgevoerd op een afgesloten locatie, met toestemming van de eigenaar of exploitant en 2) de vlucht wordt alleen uitgevoerd boven de toevallig aanwezige personen zonder dat de operator zich richt tot specifieke personen binnen die groep.

Bovendien moet ook aan alle gedragsregels die in categorie 2 staan vermeld worden volaan.

Toestellen die gebruikt worden voor operaties volgens categorie 3 moeten voldoen aan de verwachte energie-impact bij de meest waarschijnlijke of vaak voorkomende incidenten.

Categorie 4

In de vierde categorie mag er boven dichte menigtes en groepen personen worden gevlogen in situaties waarin dat met operaties volgens categorie 3 niet mogelijk is. Voor vluchten in deze categorie moet daarom op voorhand een risico-analyse worden gemaakt volgens de geldende industriële standaarden. Ook zijn voor categorie dezelfde gedragsregels van kracht als in categorie 2.

Ook toestellen die gebruikt worden voor operaties volgens categorie 4 moeten voldoen aan de verwachte energie-impact bij de meest waarschijnlijke of vaak voorkomende incidenten.

De volledige tekst met aanbevelingen kan je downloaden in dit .pdf bestand.

Lees ook

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *